Biografie Petra Laseur

Petra Laseur (1939) besloot in de voetsporen van haar ouders - Mary Dresselhuys en Cees Laseur - te treden en koos voor een opleiding aan de Toneelschool in Amsterdam. In 1959 studeerde ze hier af en ondertekende ze een contract bij de Nederlandse Comedie. Bij dit vooraanstaande gezelschap debuteerde ze in Geleerde Dames (1959). Laseur was tot 1968 verbonden aan de Nederlandse Comedie en bouwde een zeer gevarieerd repertoire op door te spelen in stukken als Een Midzomernachtdroom (1961), Het leven van Galilei (1962), De Botteriken (1963), Wie is er bang voor Virginia Woolf (1964), Omzien in wrok en De Vrek. 
In 1968 vertrok Petra Laseur naar de zuidelijke toneelgroep Globe, waar ze tot 1973 te zien was in onder meer: Oom Wanja (1969), De Kersentuin (1970), Othello (1971) en Hedda Gabler (1972). Met Oom Wanja en Hedda Gabler speelde Laseur zich in de kijker bij de juryleden van de belangrijkste Nederlandse toneelprijzen. De Colombina, de onderscheiding voor de beste vrouwelijke bijrol, werd haar toegekend voor de vertolking van Sonja in Oom Wanja. En haar titelrol in Hedda Gabler was goed voor de Theo d’ Or, de prijs voor de beste vrouwelijke hoofdrol.
Nadat ze Globe verlaten had, sloot Petra Laseur zich aan bij Het Publiekstheater. Hier speelde ze veelal in klassiekers van Shakespeare, Brecht en Tsjechov, zoals: Koning Lear (1973), Iwanov (1974), De Kaukasische Krijtkring (1976), Macbeth (1976), Een Meeuw (1977), Drie Zusters (1979) Moeder Courage (1980) en Hamlet (1986). Voor haar rol van Lotte in Groot en Klein (1981) van Botho Strauss mocht de actrice opnieuw een Theo d’Or in ontvangst nemen.

Zowel in het theater als voor de televisie speelde Petra Laseur geregeld samen met haar moeder. Zo ook in 1987, toen de 80-jarige verjaardag van Mary Dresselhuys luister werd bijgezet met het speciaal door Paul Haenen geschreven stuk Een bijzonder prettig vergezicht. Petra Laseur was van 1987 tot en met 1989 te zien in vijf producties van Toneelgroep Amsterdam, waaronder Bakeliet (1987) en Kras (1989). Vanaf 1990 werd ze actief als freelancer. In deze hoedanigheid verleende ze onder meer haar medewerking aan producties van het Theater van het Oosten, het Noord Nederlands Toneel, Het Nationale Toneel en Het Toneel Speelt. Bij het laatste gezelschap was ze te zien in Een Sneeuw (1997) en Familie (2000). Ook in de verfilming van dit laatste stuk speelde Laseur de rol van Els Tegenkamp. Hiervoor ontving ze in 2002 Het Gouden Beeld. 
In 2005 was Petra Laseur een van de oprichters van het `Eerste Geriatrische Gezelschap van Nederland'. De groep presenteerde zich in met de voorstelling 'Dorst'. In 2010 speelt Petra met o.a. Gijs Scholten van Aschat in 'Richard III', een stuk van Orkater. In 2011 speelt ze Koningin Wilhelmina in de alom bejubelde musical Soldaat van Oranje.

Vanaf haar eindexamen aan de Amsterdamse Toneelschool is Petra Laseur te zien geweest in televisiebewerkingen van toneelstukken en in televisieseries, zoals De Stille Kracht (1974), Dossier Verhulst (1986), De Enclave (2002) en Rozengeur & Wodka Lime (2005). Ook werkte ze mee aan een aantal films, waaronder: De Mannetjesmaker (1983), Antonia (1995), The discovery of Heaven (2001), Familie (2001) en Bella Bettien (2002). In het seizoen 2004/2005 vonden de opnamen plaats van de film Leef, het nieuwste samenwerkingsverband van auteur Maria Goos en regisseur Willem van den Sande Bakhuijzen, met Petra Laseur in een van de rollen. Petra Laseur is als docent verbonden aan Frank Sanders' Akademie voor Musicaltheater.

telefoon 020 7371475
email info@bvgool.nl